Contact

Op een elektrische fiets moet je het leren

Pastorale van Ds. Dr. Jan Piet Vlasblom, geestelijk verzorger en predikant.

Al meer dan een jaar fiets ik elektrisch. Die elektrische fiets was vooral bedoeld om samen met mijn vrouw te kunnen toeren. Zij rijdt al veel langer op zo’n elektrische fiets en als we samen fietsten, was dat voor mij bepaald niet ontspannend. Happend naar adem zag ik haar van steeds grotere afstand. 

Toen mijn nieuwe fiets eenmaal in de schuur stond, ging ik hem natuurlijk ook al snel voor het dagelijks ritje naar Ikazia gebruiken. Het vlees is zwak. Al had de verkoper me verzekerd dat ik de beste fiets had gekocht die hij kende, ik was er niet tevreden mee. Terwijl ik voor mijn gevoel nog behoorlijk hard moest trappen, werd ik door mensen voorbij gefietst die helemaal geen moeite hoefden te doen. Hoewel ik mijn vrouw, tijdens onze gezamenlijke tochtjes, nu wel kon bijhouden bleef het een krachttoer. 

Na lang wikken en wegen heb ik de verkoper gevraagd of ik m’n fiets niet kon inruilen. Dit was geen succes. De verkoper was uiterst verbaasd, hoe kan dat? Dit heb ik nog nooit
gehoord. Na mijn klachten te hebben aangehoord gaf hij me de wijze raad in de zwaarste versnelling te gaan rijden. Omdat ik in lagere versnellingen naar mijn zin al veel te veel inspanning moest leveren om de pedalen rond te krijgen, was ik nooit aan die zware versnelling begonnen. 

Met de moed der wanhoop heb ik zijn advies opgevolgd en... het werkte. Hoewel ik de eerste meters dacht dat ik de pedalen zo helemaal niet rond kon krijgen, bleek het een prima advies. Alleen moest ik leren dat ik helemaal geen kracht op de pedalen hoefde te zetten. Als ik op mijn gemak trapte, deed de fiets het verder zelf. Nog steeds word ik voorbijgereden door mensen door wie ik liever niet word ingehaald, maar ik hoef in ieder geval veel minder inspanning te leveren.

Zo leer ik van m’n fiets (verkoper) dezelfde les als van Luther: Je mag ontspannen door het leven gaan. Ik ben geneigd het van m’n eigen inspanning te verwachten, maar ik mag genieten van wat ik zelf niet hoef te doen.
Is dat niet leven uit genade?